Eerste ultra Bas

Ik had het al een hele tijd op mijn bucketlist: een lange trailrun doen in de bergen. Maar toen mijn zwager me in november vorig jaar vroeg om samen met hem de 10 Peaks Ultra Marathon te doen moest ik toch even slikken. De 10 Peaks is een race van 73km met 5600 klimmeters over de 10 hoogste bergen van het Lake District in Engeland. Toen hij deze race vorig jaar liep verklaarde ik hem nog voor gek.  Nieuwsgierigheid en overmoed (gesterkt door de biertjes die ik al op had) wonnen het echter van het gezonde verstand en ik beloofde me in te schrijven. De weken daarna kwam de twijfel terug. Ik had nog maar een paar keer een halve marathon gedaan en een paar kortere trails in Nederland. Daarnaast vallen de Utrechtse heuvelrug, Kennemerduinen en de ‘heuvels’ bij Groesbeek toch lichtelijk in het niet bij de echte bergen die ik nu zou moeten gaan bedwingen. De race zou in juni gaan plaatsvinden, zouden 8 maanden wel genoeg zijn voor een goede voorbereiding en zou ik in Nederland genoeg kunnen trainen voor al die hoogtemeters?

Training

Om zo’n lange afstand en zoveel klimmeters aan te kunnen, zou ik een ambitieuzer trainingsschema moeten hebben. Ik deed normaal gesproken alleen de Loopwijzer intervaltraining op dinsdag en de duurloop op zondag. Vanaf januari ben ik begonnen met een nieuw schema, bestaande uit 1 lange duurloop, 1 intervaltraining, 1 tempoloop en 1 korte rustige loop per week, aangevuld met 1 keer krachttraining per week. Helaas kreeg ik al snel last van shin splints, normaal gesproken een beginnerskwaal. Ik was genoodzaakt om het tempowerk terug te schroeven en een tijdje minder fanatiek te intervallen. Na 2 maanden was het ergste van de blessure er gelukkig af. In plaats van het snelheidswerk ben ik de Bootcamp van Loopwijzer gaan doen om meer spierkracht te ontwikkelen voor de zware beklimmingen. Ook ben ik zo vaak mogelijk de duinen in gegaan, in de hoop dat het trainen in het mulle zand me zou gaan helpen om de bergen in Engeland op te komen.

Ter voorbereiding op de grote race heb ik twee trailruns van rond de 40 km met flink wat hoogtemeters in de Ardennen gedaan en heb ik een marathon gewandeld. Tot slot ben ik in de laatste paar weken voor de race op zowel zaterdag als zondag een lange duurloop gaan doen, om mijn lichaam te laten wennen aan het vele uren op de been te zijn.

De race

De avond voor de race meld ik me – nog steeds niet helemaal zeker van mijn zaak – bij de registratie. We krijgen een GPS chip op onze rugzak gespeld, zodat de organisatie, familie en vrienden ons kunnen volgen tijdens de race. Onze route kunnen we gedeeltelijk zelf bepalen, zolang we de verplichte 10 pieken maar beklimmen. Om dit te bewijzen krijgen we een chip om onze pols, die we op elke bergtop in een apparaatje moeten klikken. Onze uitrusting wordt gecheckt. Ondanks dat er in de Lake District geen grote Alpenreuzen zijn, kan het er toch behoorlijk spoken. Er is daarom een lange lijst aan verplichte uitrusting, zoals een kompas, warmtedeken, EHBO-kit, fluit, hoofdlamp en waterdichte kleren. Omdat er weinig verzorgingspunten zijn moeten we ook voldoende water en voedsel bij ons hebben.

23 juni is het dan zo ver. Om 4 uur ‘sochtends staan we met zo’n 120 man te trappelen om te beginnen. Na het startsein vallen alle zenuwen van me af. Ik ga dit gewoon doen! We beginnen meteen met de pittige beklimming van Helvellyn (951 meter). Ondanks de karige 3 uur slaap voel ik me fit en het gaat het voorspoedig. Bovenop Helvellyn hebben we een fantastisch  uitzicht over het hele massief en ik besef me dat ik vandaag nog over alle bergen die ik zie heen moet! We rennen naar beneden en halen ondertussen veel mensen in. Misschien toch maar wat rustiger aan doen. Na 1 uur en 40 minuten komen we bij het eerste checkpoint aan. Hier zien we ons supportteam voor de laatste keer in 12 uur en krijgen we nog wat extra water en eten toegestopt. Ik besef me dat ik nog bijna een heel etmaal te gaan heb!

Helvellyn, de eerste piek

Foto: Helvellyn, de eerste piek

In de eerste 40 km van de race volgen 9 van de 10 pieken. Veel steile klimmen, een hoop geklauter over rotsen en soms lastig navigeren. Rond het middaguur na de eerste 5 pieken is de frisheid er wel af en lopen we eigenlijk al meer dan dat we rennen. Het terrein met veel rotsen, losse stenen en steile hellingen laat rennen ook niet vaak meer toe. Het is duidelijk dat ons enige doel is om de race uit te lopen binnen de maximaal toegestane 24 uur. Ondertussen komen we telkens minder mederacers tegen, soms bij de spaarzame waterpunten nog eens iemand. Ik ben erg blij dat ik de race niet alleen doe!

Foto: Naar boven klauteren op piek 7: Scafell

Foto: Naar boven klauteren op piek 7: Scafell

We proberen elk half uur iets te eten om de verbranding gaande te houden en gelukkig houdt mijn maag zich goed. Verder proberen we niet te veel aan de finish te denken, maar de dag op te delen in etappes. Een handig mentaal truukje. De focus ligt op de volgende klim, de volgende afdaling of het volgende checkpoint. Op elke piek klikken we onze chip in een apparaatje, wat een erg bevredigend biepje geeft. Daar gaan we voor, het volgende biepje!

Om 7 uur ’s avonds komen we bij een jeugdhostel op een bergpas aan. Hier is de enige echte pauze, en deze is na 40 km erg welkom! Onze support staat op ons te wachten met schone kleren en we krijgen we een warme maaltijd. Ook kunnen we even douchen. We zijn al helemaal uitgeput, maar vastberaden om door te gaan. We zijn net in een hoosbui helemaal kletsnat geregend en de schone kleren en warme douche zijn erg goed voor het moraal. Ook krijgen we gezelschap van mijn vriendin (voor 15 km) en het broertje van mijn zwager (voor de rest van de race).

Foto: Het terrein wordt ‘vlakker’ tijdens de laatste 30 km

Foto: Het terrein wordt ‘vlakker’ tijdens de laatste 30 km

De laatste 30 kilometer zijn vlakker dan de eerste 40. Wel moeten we nog in het donker de laatste piek op, Skiddaw, die we al een paar uur zien liggen in de verte. Donkere wolken pakken zich samen rond de top die wij zo moeten beklimmen en het weer verslechtert. Het duurt even voor we het juiste pad naar de berg hebben gevonden, maar rond 11 uur ’s avonds beginnen we aan de laatste beklimming. Het is nu pikkedonker en mistig en we zien eigenlijk niks, ondanks onze hoofdlampen. We proberen het pad zo goed mogelijk te volgen en na een lange klim en zoektocht bereiken we de top. De afdaling is vrij makkelijk en het lukt ons op onze uitgeputte benen zelfs nog om een soort van sukkeldrafje in te zetten.

Euforie

Als we de finish bereiken persen we er (voor de camera’s) nog een eindsprint uit. Het is ondertussen 3 uur ’s nachts en we zijn helemaal kapot. Al mijn ledematen en gewrichten doen  pijn en ik heb last van beginnende ‘trench foot’ doordat mijn voeten 23 uur lang nat zijn geweest. Ondanks dat ik er niet aan getwijfeld heb dat ik de race wilde uitlopen zijn de laatste paar uur wel een mentale slag geweest. Het gevoel na aankomst is dan ook euforisch. De pizza en warme chocolademelk die aangeboden wordt zijn zeer welkom.

Foto: De finish om 3 uur ’s nachts, nog even rennen voor de vorm

Foto: De finish om 3 uur ’s nachts, nog even rennen voor de vorm

Lessen

Het klimmen viel me minder zwaar dan verwacht. Het was vooral het afdalen waar ik last van had: veel pijn aan mijn knieën en bovenbenen. Hier valt qua techniek en snelheid nog veel winst te behalen! Dit zou ik een volgende keer beter trainen en ik zou ook meer krachttraining doen om specifieke spieren te versterken.

Eens maar nooit weer?

De laatste paar uur van de race weet ik het zeker, dit was eens maar nooit weer. Maar als ik de volgende dag in de auto op de terugweg nog eens naar de bergen terugkijk, heeft het euforische gevoel de herinnering aan de pijn alweer een beetje verdrongen. Het was toch wel een heel erg mooi avontuur, en het zou toch wel mooi zijn om ooit weer eens zoiets te doen!

About The Author

Nils

Hoi, ik ben Nils de Rijk. Oprichter van Loopwijzer en idealist die gelooft dat iedereen het in zich heeft om een beter leven te krijgen door hard te lopen. Ik help lopers bij hun volgende stap door technisch beter te lopen met minder kans op blessures. Benieuwd of ik jou kan helpen? Neem vrijblijvend contact op om te sparren over jouw hardloopplannen.

Leave A Response

* Denotes Required Field